Verdamping

Het is mogelijk om verdamping (evaporatie) in te rekenen in elk reservoir. Tijdens simulaties wordt hiervoor een 100-jarige reeks gebruikt met dagelijkse registraties van de evaporatie. Voor het inrekenen van evaporatie kan de gebruiker een constante oppervlakte voor evaporatie definiëren, of de natte oppervlakte tijdens simulaties op elke tijdstap laten berekenen op basis van de gedefinieerde geometrie van het reservoir.
Wanneer de oppervlakte voor evaporatie berekend wordt op basis van de geometrie, moet deze laatste ook gedefinieerd worden door de gebruiker. De volledige (horizontale) oppervlakte van een reservoir wordt gebruikt om de evaporatie te begroten.
Wanneer de optie evaporatie geactiveerd is, zal standaard de oppervlakte van het waterlichaam meegerekend worden in de toevoerende oppervlakte. Hierbij wordt de afvoercoëfficiënt gelijk aan 1 genomen van deze oppervlakte. Deze bijkomende toevoerende oppervlakte wordt berekend op dezelfde wijze als de oppervlakte voor evaporatie (constante oppervlakte, of berekend uit de gedefinieerde berging-hoogterelatie).